Opera Reviews

Jonge zangers in sprankelende en intieme ‘Così fan tutte’ / Young singers in a sparkling and intimate ‘Così fan tutte’

“En van de vrouwen weet je dat de Braziliaans-Nederlandse Helena Koonings je nog lang bij zal blijven met haar volle, stralende hoogte.” – Mischa Spel, NRC (★★★★☆)
“And from the women, you know that the Brazilian-Dutch Helena Koonings will stay with you for a long time with her full, radiant high notes.”

Così fan tutte door het Nationaal Jeugd Orkest en de Dutch National Opera Academy is sprankelend en innemend / Così fan tutte by the National Youth Orchestra and the Dutch National Opera Academy is sparkling and engaging

“De aandacht gaat vooral uit naar de frisse, jonge stemmen van Helena Koonings (Fiordiligi) en Deborah Saffery (Dorabella)” – Frits van der Waa, De Volkskrant (★★★★★)
“The attention goes mainly to the fresh, young voices of Helena Koonings (Fiordiligi) and Deborah Saffery (Dorabella)”

Jolige en jeugdige ‘Così’ op de catwalk / Jolly and youthful ‘Così’ on the catwalk

“(…) Helena Koonings als Fiordiligi voorop. Zij maakte indruk met de beroemdste aria uit de opera ‘Come scoglio’ (Als een rots), maar imponeerde nog meer met haar tweede aria ‘Per pietà’. Wat was het mooi om tijdens die aria aan de andere kant van de catwalk Charlotte Margiono te zien zitten. Zij is de lerares van Koonings, en zij maakte ooit zelf een onvergetelijke indruk met deze aria bij De Nationale Opera. Bij ‘Per pietà’ denk je bijna altijd als vanzelf aan Margiono, en nu zag je haar ook nog zitten. Een beetje onwerkelijk.” – Peter van der Lint, Trouw (★★★★☆)
“(…) Helena Koonings as Fiordiligi in the lead. She impressed with the most famous aria ‘Come scoglio’ (Like a rock), but awed even more with her second aria ‘Per pietà’. How beautiful it was to see Charlotte Margiono sitting on the other side of the catwalk during this aria. She is Koonings’ teacher, and once made an unforgettable impression herself with this aria at the Dutch National Opera. With ‘Per pietà’ you almost automatically think of Margiono, and now there she sits. A little bit surreal.”